Oostzeedijk beneden 1940

De Oostzeedijk Beneden met de Sint-Lambertuskerk, vanuit het westen, 1940.

Dit deel van Schielands Hoge Zeedijk ligt ten oosten van de oude stad. De dijk is rond het midden van de 13de eeuw aangelegd. Het gedeelte van de dijk, dat als Hoogstraat, Schiedamsedijk en Vasteland bekend is, verbindt de Oostzeedijk met de Westzeedijk, die ten westen van de oude stad ligt. Voor 1895, het jaar waarin Kralingen met Rotterdam werd verenigd, heette Oostzeedijk-Beneden ‘Lage Dijk’.

De Sioostzeedijk beneden 1940nt-Lambertuskerk is een rooms-katholieke kerk in Rotterdam-Kralingen. De Lambertuskerk staat op de hoek van de Beneden Oostzeedijk en de Hoflaan. Hij werd in neogotische stijl ontworpen door Evert Margry, een leerling van P.J.H. Cuypers, en gebouwd in de periode 1875-1878. De kerk werd op 26 juni 1878 gewijd aan Sint Lambertus, de schutspatroon van Kralingen.

Oorspronkelijk was het interieur van de kerk eenvoudig gehouden, maar in 1900 kreeg de kerk een nieuw orgel van de bekende orgelbouwers Maarschalkerweerd & Zn. In 1903 werd het interieur van de kerk voorzien van polychrome schilderingen. In de jaren twintig werden de zijbeuken uitgebouwd.

In de toren hangen twee luidklokken met de tonen G’ en D’ ‘. Ze zijn voorzien van elektrische luidinrichtingen. Achterin de kerk in het noordelijk Mariakoor is er een kleine luidklok geplaatst die vermoedelijk in de dakruiter heeft gehangen en als angelusklokje diende.

De Sint-Lambertuskerk is een rijksmonument. Het uitzicht van de Boven Oostzeedijk wordt niet belemmerd door de huizenbouw aan de Beneden Oostzeedijk. Daardoor is de hoge, spitse toren van de Sint Lambertus een des te opvallender verschijning.

De naam van de nabijgelegen Lambertusstraat wordt het eerst genoemd in 1874. Ook niet ver is de Lambertweg, in 1927 vernoemd naar de familie Lambert die in de 18e en 19e eeuw verschillende burgemeesters van Kralingen had voortgebracht.

De prent komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt uit het Stadsarchief Rotterdam en van Wikipedia.

lusthofstraat 1908

Slager H.P. van Linschoten krijgt een koe cadeau van zijn oom Piet van Linschoten ter gelegenheid van de start van zijn slagerij aan de Lusthofstraat 29. Slagerij van Linschoten opende haar deuren in 1908 en bestaat, wel in een ander pand, nog steeds.lusthofstraat 1908

Een stukje uit de speech die bij het honderjarig bestaan gegeven werd: Het begon in 1908 in de herfst, op 1 oktober. De zaak zat eerst ergens anders. Dit bleek op de hoek van de Vredehofstraat, naar het zuiden gericht, te zijn. Omdat het hier zo warm was hebben ze toen een ander pand gekocht en dit is dus het huidige pand aan de Lusthofstraat nummer 48. Dit was natuurlijk noodzakelijk, want ze hadden vroeger geen koeling. Alles werd in de zomer met gekregen ijsblokken koel gehouden.

Vroeger was je 6 dagen per week open behalve zondags, het gehele jaar door. Vakantie werd niet genomen, alleen de feestdagen was er vrij. Bij de Eerste Wereldoorlog was het vlees schaars. Daarnaast werd er ook een vergunning verleend om leverworst te kunnen maken.

De Lusthofstraat ontleent haar naam aan de vroegere buitenplaats Lusthof. Deze grote buitenplaats komt reeds voor in de 18de eeuw. Ze lag ten oosten van de Adamshoflaan aan de Beneden-Oostzeedijk en strekte zich uit tot aan de Groene Wetering.

De foto komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt van http://vanlinschoten.keurslager.nl/familie-historie. Lees hier verder. De informatie over de Lusthofstraat komt uit het Stadsarchief Rotterdam

Holland popfestival Kralingsebos 1970

Een jongeman tracht het prikkeldraad boven een hek te ontwijken om zich zo toegang te verschaffen tot het Holland Pop Festival in het Kralingse Bos, 26-28 juni 1970.kralingsebos1970

Het eerste meerdaagse popfestival in Nederland was het ‘Holland Pop Festival’ op 26, 27 en 28 juni 1970 in het Kralingse Bos te Rotterdam. Het muzikale evenement is de geschiedenis ingegaan als het Nederlandse antwoord op het Amerikaanse Woodstockfestival in 1969.

De organistoren van het popfestival in Kralingen waren de hippie Berry Visser en Georges Knap. Voor Visser leidde het dubbelconcert van The Doors en Jefferson Airplane in het Amsterdamse Concertgebouw in 1969 tot het idee om zelf een grootschalig muziekevenement te organiseren. Uiteindelijk leverde het Amerikaanse Woodstock de inspiratie voor de organisatie van een openluchtfestival op Nederlandse bodem. Hetzelfde gold voor Georges Knap, die de organisatie van het festival financieel mogelijk maakte. Knap was vijftien jaar ouder dan Visser, galeriehouder en directeur van een handelsfirma in medische apparatuur. Daarnaast deed hij in de avonduren jeugdwerk bij hem in de buurt. Knap en Visser kruisten ontmoetten elkaar door een journalist die de ontmoeting verzorgde.

Hoewel de organisatoren geen politieke agenda hadden, klonken er tijdens het festival regelmatig protestliederen tegen de oorlog in Vietnam. Voor de organistoren ging het naar eigen zeggen slechts om de muziek. “Popmuziek was een subcultuur, nog geen big business”, aldus Visser. Behalve Santana en bands als Jefferson Airplaine waren onder andere The Birds, Ekseption en Dr. John the Nightripper aanwezig.

De foto komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt van isgeschiedenis.nl. Lees meer over het Holland Pop Festival op http://www.historischnieuwsblad.nl/…/vijfendertig-jaar-na-h…

De ijsclub met clubgebouw in Kralingen, 1900.

Schaatsvereniging IJsclub Kralingen, anno 1879, was een van de oudste verenigingen van Rotterdam. Een groot weiland aan de overkant van de Kralingse plas werd jaarlijks omgetoverd in een ijsclub kralingen1900schaatsbaan door het onder water te zetten met water vanuit de plas. In 1904 werden naast de schaatsbaan enkele tennisbanen aangelegd om zodoende de financiële positie te verbeteren. In 1982 wordt besloten een deel van het IJsclubterrein te ruilen voor de aanleg van een nieuw pand met daarin ook vier squashbanen en de aanleg van zestien nieuwe tennisbanen op de voormalige schaatsbaan. Alle gravelbanen. ‘s Winters werden deze tennisbanen dan ondergespoten om de schaatstraditie in ere te houden.

In december 1992 verkoopt de IJsclub Kralingen, gedwongen door haar bankier, al haar onroerend goed aan de voormalige pachter en zijn compagnon. Deze beslissen echter dat er vanaf 1993 niet meer geschaatst zal worden op de IJsclub Kralingen, daar deze activiteit immer verliesgevend is geweest. De vereniging moest volgens haar statuten ieder jaar proberen ijs te maken want dat is nu eenmaal de hoofddoelstelling van een ijsclub. In de jaren ‘82 tot ‘92 is er steeds een poging ondernomen een schaatsbaan op te spuiten maar dit is echter in slechts drie jaargangen gelukt. Door het gravel van de tennisbanen als ondergrond voor de schaatsbaan is het niet mogelijk de banen in één keer onder water zetten want dat zakt direkt weg. De banen werden ‘s avonds vanaf negen uur tot ‘s morgens negen uur door drie man laagje voor laagje om het uur met de hand opgespoten. Een mooie ijsbaan was het resultaat. Vaak wanneer ‘s morgens de zon begon te schijnen, smolt het ijs van onderaf binnen een uur weg. Dit kwam door de warmte absorberende gravellaag van de tennisbanen. Er ontstond een soort iglo-effect. Mensen waren ook vaak zeer verbolgen wanneer er op de IJsclub niet geschaatst kon worden en buiten op de sloten wel. Vandaar dat deze zeer arbeidsintensieve en verliesgevende activiteit is afgestoten nu het centrum commercieel moest worden geëxploiteerd. De naam IJsclub Kralingen bleef echter voor het centrum gehandhaafd. Vanaf 1 februari 1998 is de voormalige herenkleedkamer en een deel van de garage verbouwd alwaar nu een prachtig en professioneel fitness en aerobic centrum is gehuisvest zodat het centrum nu voldoet aan de eisen van het nieuwe millennium. De foto is gemaakt door J&S Schotel een komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt van behoudijsclub.nl http://www.behoudijsclub.nl/home/geschiedenis/

Jericholaan 1966

De Jericholaan gezien vanaf Oudedijk naar de Kralingse Plaslaan, maart 1966

jercholaan1966

De Jericholaan herinnert aan de vroegere buitenplaats ‘Jericho’ aan de Oudedijk, op het terrein waar deze straat ligt. In 1568 wordt er melding gemaakt van een zekere Fop in Jericho of Fop te Cralingen, die blijkbaar een herberg hield. De oudst bekende overdracht van een huis, werf en boomgaardje, genaamd Jericho, ten westen van de Oudedijk tot de Wetering, dateert echter pas van 1633.

De Oudedijk is een deel van de zeedijk, welke in de 12de eeuw is aangelegd. De Oudedijk sluit aan de oostzijde aan op de ‘s-Gravenweg en vroeger aan de noordzijde op de Crooswijkseweg. De Oudedijk verbond Kralingen met Rotterdam, waarvan de ouderdom van het gezegde ‘zo oud als de weg van Kralingen’ wordt weergegeven.

Kralingen was vanouds een heerlijkheid, waaraan waarschijnlijk het geslacht Van Cralinghen zijn naam te danken had. Mogelijk is het eerste lid van Kralingen afgeleid van de persoonsnaam Kracho of Krako. Een Hugo van Cralinghen komt reeds in 1244 voor. De oudste heren van Cralinghen bewoonden het slot Honingen. De ambachtsheerlijkheid Kralingen werd in 1668 door de stad Rotterdam gekocht. In 1795 traden schout en schepenen van de heerlijkheid op als gemeentebestuur en werd Kralingen een plattelandsgemeente. Het oude dorp Kralingen is geheel verdwenen. Het lag in het gebied van de huidige Prins Alexanderpolder. Van dit dorp resteert alleen nog de begraafplaats ‘Oud-Kralingen’. In de eerste helft van de 19de eeuw ontstond een nieuw dorp bij de viersprong Oudedijk, ‘s-Gravenweg, Hoflaan en Kortekade. In 1895 werd het dorp door Rotterdam geannexeerd.

De fotograaf is Leo Ott en de foto komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt eveneens uit het Stadsarchief Rotterdam.